Lezen is niet alleen een vaardigheid, maar een sleutel tot begrip, persoonlijke ontwikkeling en maatschappelijke participatie. In een wereld waarin informatie zich razendsnel verplaatst, is geletterdheid cruciaal, het vormt de basis om te denken, te verbinden en actief mee te doen in de samenleving. Daarom moet lezen stevig verankerd zijn in het dagelijkse onderwijsbeleid.
Vanaf 2028 wil het ministerie jaarlijks €50 miljoen structureel beschikbaar stellen voor leesbevorderingsprogramma’s als BoekStart en Bibliotheek op school. Dit is een belangrijke stap: van tijdelijke impuls naar duurzame ondersteuning, zodat effectiviteit kan worden bestendigd en vergroot.
Deze investeringen zijn bedoeld voor álle scholen binnen het funderend onderwijs en zijn niet langer beperkt tot scholen met complexe leerlingpopulaties. Zo bereiken we kinderen vanaf de vroegste fase, in kinderopvang en basisschool, tot aan het voortgezet onderwijs.
Onderzoek toont aan dat deelname aan de Bibliotheek op school leidt tot meer leesplezier, frequent lezen, verbeterde leesvaardigheid én verrijkte woordenschat en wereldkennis. Lezen ontwikkelt zich als een positieve cirkel: hoe meer plezier, hoe vaardiger je wordt en vice versa.
Kracht schuilt in samenwerking: kinderopvang, bibliotheken, lerarenopleidingen, het mbo én leraren op de werkvloer. Juist in die context, met deskundige begeleiding, meertalige collecties en samenhangende strategieën, ontstaat écht verschil.
Lezen is van levensbelang. De structurele investering van het kabinet is niet alleen een erkenning van wat al werkt, maar ook een uitnodiging: laten we dát wat bewezen effectief is, stevig verankeren. Zo bouwen we samen aan een toekomst waarin lezen leeft, nieuwsgierigheid voedt en elk kind de wereld kan ontdekken.