Gepubliceerd op 10 september 2026
Leestijd 5 min.

Een dalende internationale score kan gemakkelijk voelen als iets dat ver van de dagelijkse schoolpraktijk afstaat. Toch komt de belangrijkste vraag uiteindelijk heel dichtbij: wat betekenen deze resultaten voor jouw school, jouw team en jouw leerlingen?

PISA beoordeelt of 15-jarigen kennis en vaardigheden kunnen toepassen om actief deel te nemen aan de samenleving. Het onderzoek richt zich dus niet alleen op wat leerlingen hebben geleerd, maar vooral op wat zij daarmee kunnen doen.

Als 39 procent van de Nederlandse leerlingen onder het basisniveau voor leesvaardigheid presteert, is dat niet uitsluitend een verantwoordelijkheid van taal- of leesdocenten. Het raakt de hele school.

Voor de schooldirecteuren: basisvaardigheden zijn een leiderschapsvraagstuk

Een duurzame verbetering van basisvaardigheden begint bij richting geven. Welke doelen stelt de school? Welke aanpak kiezen we? Hoe zorgen we dat scholing, kwaliteitszorg, lespraktijk en beschikbare middelen elkaar versterken?

Dat vraagt van schooldirecteuren meer dan het opstellen van een plan. Het vraagt om het bouwen aan een professionele cultuur waarin leraren samenwerken, lessen onderzoeken, resultaten bespreken en gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor verbetering.

De structurele aandacht voor basisvaardigheden biedt schooldirecteuren kansen om zich verder te verdiepen in de samenhang tussen Nederlands, rekenen en wiskunde, digitale geletterdheid en burgerschap. Daarbij gaat het niet alleen om inhoudelijke kennis, maar ook om de vraag hoe je als leidinggevende richting geeft aan een duurzame aanpak binnen de school. Verdieping in leiderschap, samenwerking, reflectie en veranderkundige vaardigheden kan helpen om ambities te vertalen naar een gedragen koers en blijvende schoolontwikkeling.

De structurele middelen voor basisvaardigheden maken het mogelijk om niet alleen op korte termijn activiteiten te organiseren, maar te investeren in duurzame kennis en capaciteit binnen de school. Dat vraagt wel om duidelijke keuzes. Niet alles tegelijk, maar een samenhangende aanpak die past bij de leerlingenpopulatie, de ontwikkelfase van het team en de ambities van de school.

Voor de leerkracht: lezen is aanwezig in ieder vak

De PISA-definitie van leesvaardigheid omvat informatie opzoeken, teksten begrijpen, verbanden leggen, geloofwaardigheid beoordelen en omgaan met conflicterende informatie.

Dat betekent dat iedere leerkracht bijdraagt aan leesontwikkeling. Ook bij rekenen, wereldoriëntatie, burgerschap, techniek en digitale geletterdheid komen leerlingen teksten, instructies, bronnen, grafieken en argumenten tegen.

Taalontwikkeling vindt daarmee de hele schooldag door plaats. Dat vraagt van leerkrachten om ook buiten de taalles bewust na te denken over de taal die leerlingen nodig hebben om nieuwe kennis te begrijpen, erover te praten, te schrijven en te redeneren. Juist door taal en inhoud in samenhang aan te bieden, kunnen leergebieden elkaar versterken.

De opdracht is daarom groter dan het aanbieden van extra leesmomenten. Het gaat onder meer om:

  • werken met rijke, betekenisvolle teksten;
  • systematisch bouwen aan woordenschat en achtergrondkennis;
  • leerlingen leren praten, schrijven en redeneren over wat zij lezen;
  • hoge verwachtingen combineren met passende ondersteuning;
  • leerlingen leren informatie uit verschillende bronnen kritisch te beoordelen;
  • lezen verbinden aan onderwerpen die nieuwsgierigheid oproepen.

Professionalisering van leerkrachten en specialisten kan helpen om deze principes schoolbreed te vertalen naar concreet handelen. Wij kunnen scholen daarbij ondersteunen met opleidingen voor taal- en leesspecialisten, rekenspecialisten, digitale geletterdheid experts en andere onderwijsprofessionals.

Voor het team: samen zien versnelt samen leren 

De ervaring van OBS de Springschans laat zien wat er gebeurt wanneer een schoolontwikkeling niet bij enkele kartrekkers blijft liggen. Directeur Gijs Nolet ging met het hele team naar Dublin om kennisrijk onderwijs en rijke teksten in de praktijk te bekijken.  

“We willen ons onderwijs met elkaar maken en verbeteren. Daarom hebben we bewust gekozen om niet alleen een paar kartrekkers of de directie te laten gaan, maar het hele team.” 

De school had zich al verdiept in wetenschappelijke inzichten en nieuwe werkwijzen. Toch bleef er behoefte aan voorbeelden uit de dagelijkse praktijk: “We waren al een tijd bezig met de theorie. Maar hoe ziet het er nu uit op scholen die hier al jarenlang mee werken? Dat wilden we zelf ervaren.”  

Tijdens de studiereis werden schoolbezoeken gecombineerd met gesprekken met onderzoekers en onderwijsinstituten. Volgens Gijs Nolet zorgde juist die combinatie voor verdieping: “Het programma was boven verwachting. We zagen de praktijk in scholen én kregen de wetenschappelijke onderbouwing erbij. Dat versterkte elkaar enorm.” De gezamenlijke ervaring zorgde vervolgens voor meer draagvlak en snelheid: “Collega’s hebben met eigen ogen gezien wat we willen bereiken. Daardoor worden gesprekken anders en kun je sneller gezamenlijk besluiten nemen.”

Lees het hele verhaal van OBS de Springschans

Lees het verhaal

Voor het bestuur: kijk naar samenhang en continuïteit 

Voor bestuurders ligt er een belangrijke opdracht om scholen niet alleen middelen, maar ook samenhang te bieden. Welke kennis is al aanwezig? Welke expertise moet worden opgebouwd? Hoe kunnen scholen van elkaar leren? En hoe voorkomen we dat iedere school opnieuw hetzelfde wiel uitvindt? 

Een passende besteding van middelen voor basisvaardigheden bestaat daarom niet uitsluitend uit materialen of tijdelijke externe ondersteuning. Investeren in de deskundigheid van medewerkers zorgt ervoor dat kennis in de organisatie blijft. Investeren in leiderschap helpt om verbeteringen te richten en te borgen. Investeren in gezamenlijke inspiratie kan teams helpen om abstracte ambities te vertalen naar zichtbaar onderwijs. 

De cijfers van PISA zijn landelijk. De antwoorden worden lokaal gevonden, in scholen en teams die samen onderzoeken wat hun leerlingen nodig hebben.