Geschikt voor
Basisschool Kinderopvang
Gepubliceerd op 16 mei 2018 Leestijd 2 min.

Vraag het de expert

"Hoe kan ik kinderen zo goed mogelijk betrekken bij een verhaal tijdens het voorlezen?"

Voorlezen in de groep is belangrijk. Kinderen oefenen in luisteren, ontwikkelen hun concentratievermogen en leren er steeds weer nieuwe woorden bij. Omdat het niet altijd eenvoudig is om de aandacht van de hele groep vast te houden, kun je wel wat tips gebruiken. Kinderboekenschrijfster Sylvia Vanden Heede, bekend van de boeken over Vos & Haas, geeft antwoord op de vraag: "Hoe kan ik mijn leerlingen zo goed mogelijk betrekken bij een verhaal?"

‘Hoe jonger het kind, hoe groter het belang van illustraties. Hoe ouder het kind, hoe langer de spanningsboog mag zijn. Kleuters kun je nog geen vervolgverhaal voorschotelen. Voor hen is een prentenboek net lang genoeg. Het leuke is dat zo’n prentenboek talloze keren opnieuw voorgelezen kan worden. Herhaling vinden kleuters juist prachtig! Daarom vallen boeken waarin een zin of een uitdrukking telkens terugkeert, geweldig bij hen in de smaak.’

‘Ook als een kind allang zelf kan lezen, blijft het fijn om voorgelezen te worden. Het is de gelegenheid om verhalen te horen die net nog iets te moeilijk zijn. Degene die voorleest, kan door intonatie, tempo en het leggen van de klemtoon het verhaal als het ware ‘voorverteren’. Jij, die voorleest, hoeft je bij de keuze van een boek dus niet strikt aan de aanbevolen leeftijd te houden.’

‘Voor oudere kinderen zijn illustraties niet echt nodig. Ze zijn al veel beter in staat om uit woorden zelf beelden te vormen in hun hoofd. Maar hoe goed en mooi en spannend een auteur ook schrijft, jij bent degene die de tekst tot leven wekt met je stem. Hoe hou je je luistaars geboeid? Het is handig om vooraf die tekst te lezen. Dan weet je al wat er komt en kun je er op anticiperen.’

‘Stemmetjes doen’, hoeft niet, maar zorg er wel voor dat het bij dialogen duidelijk is wie er praat. Een angstige vraag moet klinken als een angstige vraag. Een boze uitroep hoort boos te zijn. Gebruik ook je mimiek. Beweeg met handen, armen en wie weet je hele lichaam! Als in mijn boek iemand op de deur klopt, dan kijk ik op, dan kijk ik naar de deur, loop er eventueel naartoe, doe hem open… Als iemand gaapt, dan gaap ik. Als iemand huilt, dan zie je verdriet op mijn gezicht.’

‘Tenslotte. Voorlezen is niet hetzelfde als voortdurend aan het woord zijn. Las een stilte in waar het past. Denk om de komma’s. Vertraag als de tekst er om vraagt. Lees snel en opgewonden als het verhaal dat vereist. Kortom, wees zelf de tekst en laat de tekst jou leiden.’

Wil je snel met de tips van Sylvia aan de slag? Bestel een van de boeken uit de Vos en Haas serie. De tekeningen zijn van Thé Tjong-Khing